Verschil in het spel en de ontwikkeling van jongens en meisjes.

Ik hoor jullie al bijna denken… verschillen? Jazeker! Wij op de groep volgen dit met grote interesse. Veel wordt gecultiveerd maar veel is echt genetische opmaak.

De Universiteit van Cambridge heeft hier uitgebreid onderzoek naar gedaan. Zo zijn jongens van kleins af aan zeer geïntrigeerd door (mechanische) bewegingen. Een specifiek onderzoek wees uit dat mannetjes van 12 maanden veel liever kijken naar bewegende ruitenwissers dan naar een pratende mond. Ook wees het onderzoek uit dat jongens veel beter zijn in het volgen en inschatten van beweging. Zoals met het rollen of stuiteren van een bal. Ondanks dat jongens en meisjes rond dezelfde leeftijd gaan lopen (meisjes vaak iets eerder) zijn de heren vaak wat beweeglijker. Rollen, spartelen en trappelen als een ‘dolle’. En denken we dat meisjes ‘emotioneler’ zijn dan zitten we ernaast! De heren hebben een rijker gevoelsleven dan dat we denken. Dit blijkt al op heel jonge leeftijd. Jongens kunnen echt sneller aangedaan zijn en zijn dan moeilijker te troosten. Jongens laten het alleen wat moeilijk merken. De studie wees uit dat zij intern heel wat te verwerken hebben: versnelde hartslag en versnelde ademhaling. Jongens hebben van nature een voorkeur voor groepen dan voor individuen. Zij hebben een diepgeworteld groepsgevoel. Wat jongens anders ontwikkelen zijn angstgevoelens. Zij hebben dat veel minder dan meisjes. Vandaar ook het stigma ‘stoer’. Een onderzoek onder ouders met kids tussen 3 en 12 maanden wees uit dat de heren veel minder snel schrikken van geluiden dan meisjes. Ook bleek dat de heren veel minder gevoelig zijn voor waarschuwingen, verboden, bezorgdheid of restricties van hun ouders.
De dames laten wat anders zien. Meisjes pieken vanaf hun geboorte al in communicatie. Zowel verbaal als fysiek. Meiden zijn sterk in het imiteren van anderen. Deze interactie tussen emoties en gezichtsuitdrukkingen is direct de basis voor wederzijdse communicatie. Studie wees uit dat het imiteren van kleine bewegingen de dames beter afgaat dan de heren. Peutermeisjes vertonen significant meer kopiërend gedrag als het dus gaat over menselijke interactie: ‘vadertje/moedertje’ spelen of de juf nadoen. Het imiterend gedrag van jongens focust meer op actie: autorijden (mét geluid). Meisjes hebben tot het begin van de basisschool echt een voorsprong op het gebied van de fijne motoriek. Ze zijn eerder in staat met bestek te eten, kleuren/tekenen wat netter en op school leren zij vaak eerder én netter schrijven dan de heren. Het onderzoek wees uit dat meisjes een grote voorkeur hebben voor menselijke geluiden: liever gesprekjes horen dan bv. muziek. Wanneer je tegen een baby praat zullen de dames eerder reageren! Meisjes maken en zoeken oogcontact en zijn zelfs al heel jong in staat contact te onderhouden. De dames zijn behept met de gave emoties af te lezen. Bij schrik van een boos gezicht zullen zij snel oogcontact zoeken met bv. hun moeder. Bij een vriendelijk gezicht juist weer niet en reageren met een lach. Jongens blijken iets minder goed in het maken van dit onderscheid. Meisjes leren over het algemeen eerder praten dan jongens. Waarschijnlijk omdat ze meer aanleg hebben voor interactie. Ze begrijpen eerder wat je tegen ze zegt. Rond 16 maanden hebben zij vaak al een woordenschat van zo’n 100 woorden. In tegenstelling tot de heren: gemiddeld 30 woorden. De voorsprong van de dames trekt gelijk rond 2,5 jaar. Dan zal de woordenschat van zowel de jongens als meisjes bestaan uit zo’n 500 woorden.

Natuurlijk zegt het geslacht van jouw kind niet alles over hoe en wie hij/zij is. Wij, als ervaringsdeskundigen, zien de bovengenoemde grove verschillen wel maar cultuur heeft een grote invloed dan gedacht.

 

Bronnen: anababa.nl / me-to-we.nl / digibron.nl